Het jaar van de Limburgse molens

Het jaar 2016 staat voor de molenstichtingen, molenaars en molenbelangstellenden van Limburg in het teken van het jaar van de molen.

De grote publieke waardering voor molens, de onderhoudsopgave en extreme bedreigingen vragen om een duurzame voorziening om het molenerfgoed in stand te houden. Het jaar 2016 (Provinciaal Jaar van de Limburgse Molens) zal gebruikt worden om de probleemstelling rondom deze duurzame voorziening helder te krijgen. Daartoe wordt in het Jaar van de Limburgse Molens een proces opgestart dat eind 2016 moet uitmonden in een meerjarig-uitvoeringsprogramma voor het molenerfgoed in Limburg.

De uitkomsten van een vragenformulier onder de molenstichtingen, molenaars en molenbelangstellenden, evenals een toelichting op het nieuwe provinciale erfgoedbeleid werden tijdens een drukke bijeenkomst in openluchtmuseum Eynderhoof te Nederweert-Eind gepresenteerd.

De genodigden werden welkom geheten door de heer Kees van Rooij, voorzitter van de Molenstichting Limburg. Een speciaal woord van welkom was er voor deputé Patrick van der Broeck van de Provincie Limburg en ook de afgevaardigden van De Hollandsche Molen, de heer Leo Endedijk en namens de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed de heer Wouter Pfeiffer.

De heer René Gerats van het Limburgs Landschap deelde zijn ervaringen als moleneigenaar en ging dieper in op successen en tegenvallers; succesfactoren en verbeterpunten.

Het Limburgs Landschap bezit vijf windmolens in Limburg. De Van Tienhovenmolen te Gasthuis-Bemelen kwam reeds in 1956 in hun bezit, later volgden de Houthuizermolen te Lottum, de Janssenmolen te Oirsbeek de standaardmolen te Urmond en vervolgens de Torenmolen te Gronsveld.

Als watermolen, vier in getal, de in 1985 met sloopplannen bedreigde Wymarsche molen te Arcen. Deze ruïne werd in 1990 een graanbranderij. De Wittemermolen, aangekocht in 1976. In 2007 de Frankenhofmolen, een rijksmonument met een unieke kans tot volledig herstel en waardevol in het landschap en de Slakmolen te Elsloo die in 2014 werd aangekocht.

De volgende spreker:
Twan Houtappels, voorzitter van de Molenstichting Leudal en bestuurslid van de Molenstichting Limburg besprak het belang van molenbiotopen. Daarnaast kwam aan de orde: wat willen wij bereiken in dit molenjaar, met wie willen wij samenwerken, wat kunnen de moleneigenaren zelf doen, wat kan De Molenstichting Limburg hierin betekenen en wat verwachten wij?

Enkele punten uit zijn presentatie;
Programmapunten Jaar van de molens, 1.Investeren in restauratie

  1. Investeren in onderhoud
  2. Investeren in biotopen en molenomgeving
  3. Borgen van kennis en data
  4. Faciliteren van vrijwilligers
  5. Aandacht vergroten van het publiek voor het molenerfgoed.     .

Aan de hand van deze punten werden ook de uitkomsten van het vragenformulier gepresenteerd.

Daarna werd het woord gegeven aan deputé Patrick van der Broeck.

Hij gaf een samenvatting Beleidskader Monumenten 2016-2019 dat op 18 maart 2016 is vastgesteld, in de Provinciale Staten van Limburg.

Met 5339 officiële rijksmonumenten en 4603 gemeentelijke monumenten mag Limburg zich met recht een monumentrijke provincie noemen. Een rijk bezit. Monumenten verfraaien de omgeving. Er gaat een aantrekkingskracht van uit een gevoel en trots. Ze verhogen het woongenot, trekken toeristen en dragen zo substantieel bij aan het woon- en leefklimaat in deze toch al zo aantrekkelijke grensprovincie met zijn internationale Bourgondische inslag en boeiende geschiedenis.

Monumenten zijn echter méér dan louter objecten. Monumentaal erfgoed is een bron van kennis over het verleden met boeiende achterliggende verhalen. Het monumentaal erfgoed vormt de basis van de Limburgse geschiedenis. Het zegt iets over de identiteit,over wie we zijn, waar we vandaan komen en wat wij willen koesteren voor de volgende generaties.

De Provincie Limburg zet met dit nieuwe beleid in op het behoud van dit erfgoed. Daarvoor is in de periode 2016-2019 een bedrag beschikbaar van ongeveer 30 miljoen euro.

Molens
Speciale aandacht krijgen ook de molens.
Limburg telt meer dan 110 molens, waarvan ruim de helft watermolens. Er zijn 38 complete windmolens en nog een groot aantal molenrestanten en verdwenen water- en windmolens. De grote publieke waardering voor de molens, de onderhoudsopgave en externe bedreigingen vragen om een duurzame voorziening om het molenerfgoed in stand te houden. Tijd voor actie dus.

Dit jaar zal gebruikt worden om de probleemstelling rondom deze duurzame voorziening helder te krijgen. Daartoe wordt in dit ‘ Jaar van de Limburgse Molens’ een proces opgestart dat eind 2016 moet uitmonden in een meerjarig-uitvoeringsprogramma voor het molenerfgoed. De financiële middelen vanuit de provincie Limburg zullen daartoe een bijdrage leveren. De zogenaamde tenderregeling van de provincie zal binnenkort beschikbaar zijn aldus toezeggingen van deputé van der Broeck.

Frans Verstappen.